1.1 Plagen beheersen met akkerranden
Bij de leerstoelgroep entomologie van Wageningen University and Research deed dr. Frans van Alebeek jarenlang onderzoek naar de rol van akkerranden met vogels en wilde insecten in plaagbeheersing op akkers. Sinds kort is Van Alebeek als projectleider en beleidsmedewerker verbonden aan de afdeling Landelijk Gebied van Vogelbescherming Nederland.
Spuiten verergert plagen
In Nederland komen meer dan twintigduizend verschillende insecten voor. Minder dan één procent staat te boek als potentieel ‘plaaginsect’. Dat betekent dat de rest in toom wordt gehouden door Moeder Natuur zelf: nuttige insecten die lastige plagen opruimen.
Sinds de jaren zestig zijn we in de landbouw gaan spuiten tegen plagen. Maar in sommige situaties worden plagen juist erger door een bespuiting, omdat ook die nuttige insecten worden weggespoten. Uit Duits onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat daar nog maar een kwart van de biomassa aan insecten aanwezig is vergeleken met de jaren zestig.
Rem op exponentiële groei
Wanneer bladluizen op een akker ongeremd kunnen reproduceren, verschijnt iedere tien dagen een nieuwe generatie. Die groei kan worden vertraagd door bijvoorbeeld de roofkevers uit een (onbespoten) akkerrand. Later in het seizoen kan dit werk worden overgenomen door vliegende insecten, die hun energie halen uit een bloemrijke akkerrand. Behalve dat een akkerrand voedsel en veiligheid kan bieden voor vogels, is het dus ook een bron van ‘gratis’ bestrijding tegen plaaginsecten.
De randvoorwaarden voor een akkerrand
Een akkerrand is niet zomaar een verloren stukje grond. Het is een wezenlijk onderdeel van een akker waar een boer dus ook goed over moet nadenken. Een rand moet op enig moment gemaaid worden en met name bloemrijke akkerranden moeten jaarlijks worden ingezaaid, willen ze niet verworden tot een rommelrand met alleen maar gras. Ook de keuze van het juiste bloemenmengsel vergt aandacht.
Vanuit een akkerrand kunnen bijvoorbeeld loopkevers tot honderd meter een akker intrekken om plaaginsecten te bestrijden. Vliegende insecten pendelen waarschijnlijk honderd tot tweehonderd meter van de bloemen in de akkerrand waar ze hun brandstof uit halen naar de rupsen of larven van plaaginsecten in een gewas, waar ze bijvoorbeeld hun eitjes in leggen.
Belonen of bestraffen?
Een akkerrand kost productiegrond maar bespaart spuitkosten. De financiële balans valt helaas meestal uit in het voordeel van productiegrond. Dat komt omdat de werkelijke kosten van schade aan de biodiversiteit door de gifspuit niet kunnen worden meegewogen.
Toch is Van Alebeek niet per se voorstander van het extra belasten van schadelijke bestrijdingsmiddelen. ‘Net als in de opvoeding, werkt het stimuleren van positief gedrag vaak beter dan het afstraffen van negatief gedrag’, aldus de onderzoeker. ‘Helaas zijn nuttige akkerranden langzaam uit de verschillende subsidieregelingen aan het verdwijnen. Het is dus vooral zaak om daar als landbouwers en onderzoekers gezamenlijk aan te blijven werken. Boeren die een positieve, maatschappelijke dienst leveren, zoals akkerranden voor meer natuur en natuurlijke plaagbeheersing, zouden we moeten belonen voor die dienst.’
Heeft u vragen?
Neem contact met ons op
Bekijk ook:
-
3.4 Broedsucces van de grutto in stoplichttermen
-
3.7 Stimulering biodiversiteit in ecologische aandachtsgebieden in Flevoland
-
2.3 Kruidenrijke weilanden, meerwaarde voor vee, bedrijf en weidevogels
-
1.2 Beschermen van de patrijs
-
1.3 Samen succesvol boeren en zorgen voor weidevogels
-
2.2 monitoring akkervogels: van idee naar uitvoer
-
3.3 Vogelakkers voor akkervogels
-
3.1 Akkerranden en wilde bestuivers